‘Niet achter bureau eisen voor vervoerders bedenken’

‘Niet achter bureau eisen voor vervoerders bedenken’

Bij de integratie van het Rotterdamse doelgroepenvervoer werden eerst de behoeftes van de reizigers in kaart gebracht. Daarna werd samen met de vervoerders naar de optimale aanpak gezocht. Arjan Meurs van de gemeente Rotterdam vertelt op donderdag 12 oktober tijdens het Nationaal Congres Contractvervoer over deze concurrentiegerichte dialoog.

Het idee om de verschillende vormen van doelgroepenvervoer in Rotterdam met elkaar te integreren, stamt al uit 2013. “Het ging om zeven soms zeer uiteenlopende doelgroepen, dus het formuleren van eisen kon niet zomaar”, legt Arjan Meurs uit. Hij is bij de gemeente Rotterdam manager doelgroepenvervoer. “Bovendien zat de vervoersmarkt destijds in zwaar weer. Er werd veel onder de kostprijs ingeschreven, vervoerders gaven opdrachten terug of gingen failliet. Dus eigenlijk liepen we al meteen aan alle kanten tegen grote struikelblokken aan.”

Verdeeld beeld

De oplossing lag niet meteen voor de hand. “We wilden in elk geval niet met zeven verschillende beleidsmedewerkers achter een bureau een pakket eisen bedenken voor vervoerders bedenken”, stelt Meurs. Wat volgde was een zeer uitgebreid traject om alles inzake het doelgroepenvervoer in kaart te brengen. Dat begon met een marktconsultatie die een verdeeld beeld van de vervoersmarkt opleverde. Een derde van de vervoerders wilde verandering, een derde juist niet en nog eens een derde zag wel verandering plaatsvinden maar wist niet hoe hier mee om te gaan.

“Eigenlijk brachten die uitkomsten ons niet verder. Daarom zijn we bij gebruikers van het vervoer te rade gegaan: wat gaat er goed en wat kan er beter? We zijn onder meer ansichtkaarten met die vraag gaan bezorgen bij scholen en zorginstellingen en daar werd veel op gereageerd. Dat gaf ons vooral een beeld van de verschillen tussen die doelgroepen, en hoe ver dat eigenlijk afstond van de eisen die we in het verleden stelden aan doelgroepenvervoer. Die inzichten waren voor ons de aanleiding om verder te gaan op de ingeslagen weg.”

Enorm diverse groep mensen

Via een uitgebreid en intensief traject werden de bewuste en onbewuste behoeftes van de reizigers in kaart gebracht. Om de complexe informatie die het hele onderzoeksproces opleverde met alle betrokkenen te delen, werd niet gekozen voor een dik onderzoeksrapport maar voor vier personas die de verschillende reizigers in het doelgroepenvervoer vertegenwoordigen: Mildred, Guus, Ravi en Ilse.

“We zagen op een gegeven moment in wat de wensen en behoeften waren. Maar die waren onmogelijk te vertalen in een pakket van eisen, juist omdat die grote groep mensen met een mobiliteitsbeperking zo enorm divers is in wat ze willen en nodig hebben”, aldus Arjan Meurs. “In zo’n geval mag je de concurrentiegerichte dialoog als aanbestedingsinstrument gebruiken. Daar kozen we dan ook voor, en dat werkte heel goed. Niet meer ‘u vraagt, wij draaien’, maar samen tot de beste oplossingen komen.”

Kort geding

Uiteindelijk schreven er twee partijen in, waarvan Trevvel de winnaar werd. De huidige leerlingenvervoerder en verliezende inschrijver, RMC, kwam daar met een kort geding tegen in opstand. RMC verloor en de gunning kon doorgang vinden. Meurs: “De mogelijkheid van een kort geding hadden we ingecalculeerd. Maar het vond pas zo laat plaats dat de implementatietijd van het leerlingenvervoer te kort werd. Daarom gaat het nieuwe leerlingenvervoer pas na de zomervakantie van 2018 van start. Het overige doelgroepenvervoer gaat per 1 januari 2018 van start.”

Arjan Meurs zal tijdens zijn presentatie op het Nationaal Congres Contractvervoer uitgebreid ingaan op wat er voor opdrachtgever en vervoerders allemaal komt kijken bij aanbesteding op basis van een concurrentiegerichte dialoog. Bekijk hier het hele congresprogramma en meld je vervolgens aan voor deelname. Geef daarbij meteen aan welke twee parallel-sessies jij graag wilt bijwonen.

Bron: TaxiPro