Hoe kun je als taxibedrijf je vloot verduurzamen?

Kan een vervoerder beter inzetten op batterij-elektrische voertuigen of gaan voor taxi’s op waterstof? En hoe financier je die verduurzaming, zeker in crisistijd? Om deze en andere vragen draaide een recente bijeenkomst over de verduurzaming van het doelgroepenvervoer.
Binnen een Buyer Group werken publieke en private opdrachtgevers aan een gedeelde marktvisie- en strategie op het verduurzamen van bepaalde producten of diensten. In dit geval gaat het om het doelgroepenvervoer. De bedoeling is dat de opdrachtgevers deze visie en strategie binnen twee jaar implementeren in hun aanbestedingspraktijk.

In de Buyer Group Doelgroepenvervoer zijn andere Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV), het Aanbestedingsinstituut Mobiliteit (AIM), het ministerie van IenW, de gemeente Haarlemmermeer, Transdev, Noot en Regiotaxi Den Bosch vertegenwoordigd. Binnen de groep ontstond de behoefte om van de markt te horen wat de ontwikkelingen zijn rondom de verduurzaming van doelgroepenvervoer, met name ten aanzien van de beschikbaarheid en Total Cost of Ownership (TCO) van zero-emissie voertuigen.

Een van de vragen die aan bod kwam was of je als bedrijf beter in kan zetten op batterij-elektrische voertuigen of voertuigen op waterstof. Veel vervoerders gaan nu voor elektrisch vanwege de beschikbaarheid van voertuigen, de verbeterde actieradius en de TCO van personenauto’s. De hogere aanschafwaarde van deze voertuigen wordt gecompenseerd door lagere energiekosten en minder onderhoud.

Het aanbod van elektrische bussen voor acht personen met een laag dak is beperkter, maar er komen wel meer voertuigen op de markt. De aanschafwaarde hiervan blijft desondanks relatief hoog. Met alleen het leerlingenvervoer worden er te weinig kilometers gereden om de investering terug te verdienen.

Verhoging van het maximumgewicht naar 4.250 kilo

Het verduurzamen van grote bussen voor het rolstoelvervoer is de grootste uitdaging. Hierbij is zowel het aanbod als de actieradius beperkt. Ton Hokken van KNV legt uit dat de actieradius van deze bussen maximaal 90 kilometer is, en daarmee onvoldoende voor het vervoeren van mensen in een rolstoel. Daarom moet de laadtijd meegenomen worden in het rooster, waardoor ook meer mensen ingezet moeten worden. Verder is het voertuig met het benodigde accupakket zwaarder, waardoor er al gauw een rijbewijs C nodig is om het te mogen besturen.

De Buyer Group kwam tot de conclusie dat een ontheffing van dit rijbewijs zou kunnen helpen. De Europese eisen ten aanzien van rijbewijzen en het maximum gewicht van voertuigen worden volgend jaar herzien. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat geeft aan dat er wordt gekeken naar een verhoging van het maximumgewicht naar 4.250 kilogram voor elektrische bussen.

Waterstof voor zwaarder vervoer

Verder is er geïnventariseerd hoe vaak elektrische bussen nu ingezet kunnen worden met meerdere rolstoelen tegelijk. Hieruit werd duidelijk dat het in sommige gevallen verstandiger is om lichtere voertuigen waarin één rolstoel vervoerd kan worden vaker te laten rijden, dan eenmaal een elektrische bus met meerdere rolstoelen. Dit kan voordeliger zijn.

Voor zwaarder vervoer blijkt waterstof de beste optie te zijn. De kostprijs van waterstofvoertuigen is, samen met het tekort aan tankinfrastructuur, echter vaak nog een probleem. Een werkgroep rondom rijden op waterstof in het doelgroepenvervoer wordt momenteel opgezet om hier verandering in te brengen.

Ook over groen gras werd gesproken als duurzaam alternatief voor diesel of benzine. De groep kwam echter tot de conclusie dat er met zulke voertuigen niet kan worden voldaan aan de verplichtingen rondom zero-emissiezones. Daarbij is het lastig om busjes te vinden die rijden op groen gas. Veel leveranciers zijn namelijk gestopt met het bouwen van zulke bussen.

Investeringen terugverdienen

Duurzaam taxivervoer moet ook gefinancierd worden. Dit vormt zeker in coronatijd een uitdaging voor veel ondernemers en is vooral nog een probleem bij zwaardere voertuigen. Een aanschafsubsidie zou hierin kunnen helpen. Volgens Martijn Kersing, directeur van Noot, is investeren in een duurzaam wagenpark nu alleen haalbaar als de aanbestedende dienst faciliteert in een netwerk of de duur van de contracten verlengt om te investeren.

Drie jaar met één of twee jaar verlenging is volgens Kersing te kort om investeringen voor een laadplein te kunnen doen. Dit geldt al helemaal voor voertuigen op waterstof, waarbij de aanloopperiode voor implementatie lang is en de aanbestedende dienst zelf de infrastructuur moet neerleggen.

Hokken stelt namens KNV dat meer prioriteit voor uitstootvrij taxivervoer betekent dat er meer financiële middelen vrijgemaakt moeten worden om dit te realiseren. “KNV pleit daarom ook voor meer geld voor het zorgvervoer, om de noodzakelijke hogere investeringen terug te kunnen verdienen.”

De uitdaging van laadinfrastructuur

Op het gebied van laadinfrastructuur kwam er in de marktsessie verder nog naar voren dat niet-openbaar laden – wanneer dit mogelijk is – de voorkeur heeft, omdat dit makkelijker te reguleren is. Dit brengt echter problemen met zich mee. Binnen het convenant voor zero-emissie taxivervoer in 2025 is er dan ook een werkgroep opgericht in samenwerking met de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL), die dit probleem moet gaan oppakken.

Tijdens het Nationaal Congres Contractvervoer ’21 op 16 september in Expo Houten zullen interessante sprekers vertellen over het groeiende belang van duurzaamheid in het doelgroepenvervoer. Het hele programma kan je hier bekijken. Meld je nu aan en profiteer van een aantrekkelijke vroegboekkorting!

Lees ook:

The post Hoe kun je als taxibedrijf je vloot verduurzamen? first appeared on TaxiPro.

Hendriks Taxi Services viert dit jaar haar 10 jarig jubileum!

Opdrachtgevers, Klanten en Medewerkers bedankt.